|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Vroeger had ik een eigen moestuin, heerlijk en wat een rijk gevoel. Voor het avondeten nog even de tuin in om verse spinazie te plukken of boontjes. Door mijn alsmaar groeiende plantenverzameling werd het moestuintje kleiner en kleiner. De sla en andijvie kregen steeds vaker een plaatsje tussen de planten. Best leuk overigens, met roodbladige sla kun je best een leuk hoekje opvullen en sommige kruiden zoals bieslook en dille kunnen een aanwinst in de border zijn. Toch vond ik het jammer dat mijn moestuin was gekrompen, totdat ik het boek ‘de smaak van bloemen’ cadeau kreeg. Het boek is alleen al prachtig door de foto’s die erin staan maar de grootste verassing was toch wel de inhoud. Er bleek veel meer eetbaars in de tuin te staan dan ik ooit voor mogelijk had gehouden. Nadat ik, geïnspireerd door de boeken van Jean M. Auel over de Aardkinderen al wat aan het experimenteren was gegaan met inheemse kruiden kon ik nu ook allerlei bloemen en planten gaan gebruiken in salades, cocktails en andere recepten. Om u daar deelgenoot van te maken zal ik hieronder enkele bruikbare voorbeelden geven. Ik doe dit zonder de pretentie een compleet beeld te leveren maar meer om u op ideeën te brengen. Wilt u meer weten over een bepaald onderwerp dan adviseer om te kijken bij de achtergrondinformatie. In gevallen waarbij u twijfelt over de soortechtheid van de plant of bloem of wanneer u niet zeker weet dat de planten niet met gif zijn bespoten, neem dan het zekere voor het onzekere en gebruik deze niet.
Bloemen
De helderblauwe bloemen
van de borage of bernage (Borage officinalis) smaken naar komkommer en
kunnen in salades worden gebruikt of om gerechten te garneren. De jonge
blaadjes smaken hetzelfde en kunnen ook in de sla worden gebruikt of in
koele zomerdranken.
De oost-indische kers (Tropaeolium majus) is een gemakkelijke eenjarige plant en zaait zich daarna eenvoudig zelf weer uit. De kleuren zijn ieder jaar weer anders en het is juist de kleur die de smaak bepaald. De diepe tinten, vaak donkerrood, smaken het pittigst en de lichte kleuren, lichtgeel of oranje, zijn het zachtst van smaak. Jonge bloemen zijn ook goed te versuikeren en kunnen een toetje extra allure geven door de pittige en knapperige smaak. Dit versuikeren gaat ook goed met de bloemen van het driekleurig viooltje (Viola tricolor) die door de diverse kleurencombinaties waarin ze kunnen voorkomen allerlei gerechten kunnen versieren. Veel smaak hebben ze overigens niet. Verder kunnen de bloemen van vrijwel alle Prunussen versuikerd worden.
Alle bloemen van de kaasjeskruid-familie (Malva, stokrozen, Lavatera) kunnen met hun grote bloemen gerechten opsieren maar van de smaak moet je niet teveel verwachten. Alleen de bloemen van de Hibiscus syriacus smaken nog enigszins zoet. Tulpenbloemen en rozenblaadjes zijn niet alleen eetbaar maar vinden hun toepassing zeker in het garneren van gerechten. Door grote de variëteit aan kleuren past bij ieder gerecht wel een soort tulp of roos. Van lievevrouwebedstro (Galium odoratum) kan thee worden gezet maar het kan ook worden gebruikt om drankencombinaties te maken. De bloemblaadjes van het afrikaantje (Tagetes) combineren mooi in sla en ook het madeliefje (Bellis perennis) kan zo gegeten worden. Paardebloemen en voor sommigen vooral de kleine knopjes zijn een lekkernij in salades, voor soep, gelei of in combinatie met andere gerechten zoals in een omelet. Van de bloemen van de olijfwilg (Eleagnus) kan een heerlijke limonade worden gemaakt. Van de angustifolia in het voorjaar en van de ebbengei in het najaar. Tot slot wil ik hier vermelden dat ook de bloemen van de acacia (Robinia), de vlier (Sambucus), de daglelie (Hemerocallis), de meidoorn (Crataegus), de passiebloem (Passiflora), de hosta in diverse soorten en alle komkommerachtigen voor vele recepten te gebruiken zijn.
Paddestoelen
Vooral in het najaar, als
het lekker vochtig begint te worden komen de paddestoelen uit de grond.
Sommigen groeien op dood hout en zijn een lust voor het oog. Het
verzamelen van eetbare paddestoelen is een lastige klus omdat er erg
veel giftige soorten zijn die nauwelijks van de eetbare zijn te
onderscheiden. Ik wil hieronder een paar paddestoelen noemen die
geschikt zijn voor consumptie en goed herkenbaar. Voor de
herkenbaarheid verwijs ik naar een goede paddestoelen-determinatiegids. Het eekhoorntjesbrood zoals de naam al laat doorschemeren is eetbaar en erg smakelijk en kan voor diverse doeleinden worden gebruikt. Hij wordt vooral onder sparren en dennen gevonden. Deze vindplaats geldt ook voor de kastanjeboleet die misschien minder smakelijk klinkt maar het wel is, net als de Berkeboleet en de Regenboogrussula. De laatste twee kunt u aantreffen onder respectievelijk berkenbomen en in loof- of gemengde bossen en komen in vrij grote getale voor. Een echte topper voor het kruiden van diverse gerechten maar ook voor in de soep af als groente is de Cantharel. Hij is weliswaar zwaar verteerbaar maar de kans dat u hem vindt is tegenwoordig gering. De meeste kans daarop is onder naaldbomen op zure grond. De agaricus campestris, ofwel de champignon en de Pleurotus ostreatus ofwel de oesterzwam komen vrij algemeen in de natuur voor maar zijn gemakkelijk te verwisselen met giftige soortgenoten. Niet eten dus als je het niet zeker weet maar gewoon in de winkel kopen.
Kruiden
Kruiden in de tuin wil
bijna iedereen en als men het niet wil ontkomt men er niet aan omdat
veel van onze inheemse onkruiden ook tot de
bruikbare kruiden gerekend kunnen worden. Ik zal het daarom hier niet
hebben over de alom bekende kruiden die in het tuincentrum te koop zijn
maar meer over de iets minder bekende varianten.
Eetbare vruchten
Fruitbomen hebben altijd al een sierwaarde voor de tuin door de bloesem in het voorjaar en de vruchten die daarop volgen. De laatste jaren winnen de oude hoogstam fruitbomen weer aan populariteit en waarschijnlijk is de grotere resistentie tegen ziekten en plagen hiervan de oorzaak. Het eten van de vruchten later in de zomer of het najaar geeft een extra dimensie aan de tuin. En als u het eetseizoen nog meer wil verlengen dan maakt u jam, gelei, sap of wijn van de vruchten. Het spreekt voor zich dat we het hier hebben over appels, peren, kersen en pruimen maar minder bekend is de mispel (Mespilus germanica), de perzik (Prunus persica), de amandel (Prunus dulcis) en de vijg (Ficus carica). Helaas bereiken de laatste twee zelden het stadium van rijpheid in ons klimaat.
Wijn van druiven of iets
gemakkelijker limonade van druivensap is in ons klimaat gelukkig wel
goed haalbaar. Een geschikt ras voor een witte droge wijn is de ‘Witte
van der Laan’ en voor een fris-fruitige rode wijn is een ‘Glorie van
Boskoop’ zeer geschikt. Plant de druivenstruik wel op een zonnige
plaats, bij voorkeur tegen een zuidmuur op kalkrijke grond voor het
beste resultaat. Het maken van
jam, gelei, sap of wijn is ook mogelijk van het zogenaamde klein-fruit
zoals aalbessen, kruisbessen, frambozen, vlierbes etc. Zelf vind ik van
het klein-fruit de Japanse wijnbes overheerlijk. Een sterke groeier en
door zijn rode twijgen mooi om te zien. Qua uiterlijk is de blauwe
bosbes (Vaccinium myrtillus) zeker in de herfst door zijn rode
bladverkleuring een aanwinst voor de siertuin. Pas wel op met het eten
van deze blauwe bosbes uit de vrije natuur, want op plaatsen waar
vossen voorkomen kan men besmet raken met een enge ziekte waarvan ik de
naam helaas niet paraat heb. Van
rozen die veel rozenbottels produceren kan men ook prima jam maken.
Rosa rugosa vormt veel en grote bottels die barsten van de vitamine C.
Ook Rosa glauca en Rosa nitida zijn bekende soorten en bruikbaar voor
jam. Ook een kiwi doet het in
ons klimaat prima, zit boordevol vitamine C en mineralen en is tevens
een weelderige klimmer. Tot het
klein fruit reken ik ook de aardbei. Deze bloeien vaak erg goed als men
ze in potten zet en daardoor komt de vrucht ook vrij van de grond zodat
hij minder snel rot. De vruchten van de aardbeiboom (Arbutus unedo)
zijn daarentegen niet eetbaar maar wel schitterend om te zien.
Giftige planten
Veel geneeskrachtige stoffen
worden uit de natuur gewonnen. Veel planten bevatten werkzame
bestanddelen die in een bepaalde mate heilzaam kunnen werken maar in
een andere mate giftig of zelfs dodelijk kunnen zijn. Dit geldt evenzo
voor bloemen. Enkele voorbeelden waarvan u zeker moet afblijven zijn;
lelietje-van-dalen, vingerhoedskruid, herfsttijloos, monnikskap,
stinkende gouwe, taxus, blauwe en gouden regen en helaas nog vele
anderen.
Achtergrondinformatie:
De smaak van bloemen; Elisabeth de Lestrieux en Jelena de Ridder, uitgeverij Terra, ISBN 9062554458 De aardkinderen, deel 1 t/m 5; Jean M. Auel, uitgeverij Bruna ISBN 9022985946 Giftige planten; Stichting Consument en Veiligheid, Postbus 75169, 1070 AD Amsterdam Geneeskruiden: J.J. Hoedeman, Uitgeverij Omega, ISBN 9060571649 Paddestoelen gids in kleur; E. Garnweidner, uitgeverij Thieme, ISBN 9052101264 Nederlandsche fruitsoorten: CD-rom van de Noordelijke Pomologische Vereniging en de Nederlandsche Heidemij De kleine aarde; informatie over milieuvriendelijk en gezond tuinieren www.dekleineaarde.nl |
|
|
|
|
|
|
>>> Terug naar de beginpagina van www.tuinfo.nl <<< © 2005 www.TuinFo.nl |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|